1 ml is gelijk aan ongeveer 20 druppels. Dit is de internationale standaard die in de meeste apotheken, laboratoria en medische richtlijnen wordt gebruikt. Die standaard gaat ervan uit dat je een gewone druppelaar of druppelpipet gebruikt bij normale vloeistoffen zoals water of waterige oplossingen.
De afkorting die je soms tegenkomt is “gtt” (van het Latijnse gutta, druppel). In medische en farmaceutische context staat 1 ml dus vrijwel altijd gelijk aan 20 gtt.
Waarom is 20 druppels per ml de standaard?
De grootte van een druppel hangt af van de opening van de druppelaar, de dikte van de vloeistof (viscositeit) en de hoek waaronder je druppelt. Voor waterige vloeistoffen bij een standaard druppelaar zijn die factoren goed voorspelbaar. Daardoor is 20 druppels per ml een betrouwbare vuistregel die breed wordt toegepast, ook in apothekersinstructies en medische doseerkaarten.
Sommige apotheken hanteren intern 15 druppels per ml in plaats van 20. Ze doen dat om rekening te houden met druppels die worden gemorst of gemist tijdens het tellen. In de praktijk zie je dus twee gangbare aantallen: 20 (de officiële industriestandaard) en 15 (een conservatievere instelling die de apotheek of voorschrijver soms kiest).
Hoeveel druppels is 1 ml bij andere hoeveelheden?
Met 20 druppels per ml als basis kun je snel omrekenen:
| Hoeveelheid vloeistof | Aantal druppels (bij 20/ml) |
|---|---|
| 0,5 ml | 10 druppels |
| 1 ml | 20 druppels |
| 2 ml | 40 druppels |
| 5 ml | 100 druppels |
| 10 ml | 200 druppels |
Andersom: als een voorschrift zegt dat je 10 druppels moet innemen, is dat bij de standaard 0,5 ml.
Wanneer klopt de 20-druppelsregel niet?
De vuistregel van 20 druppels per ml geldt voor waterige vloeistoffen bij een gewone druppelaar. Er zijn situaties waarin het getal afwijkt:
- Olieachtige vloeistoffen vormen grotere druppels. Denk aan visolie of bepaalde medicijnen op oliebasis. Hier kunnen 15 druppels al 1 ml benaderen.
- Alcohol heeft een lagere oppervlaktespanning dan water. Druppels worden kleiner, waardoor je meer druppels per ml telt (soms 25 tot 30).
- Medische infuussets gebruiken een andere druppelgrootte. Een standaard infuusset geeft 20 druppels per ml, maar een macrodruppelset kan 10 of 15 druppels per ml geven en een microdruppelset zelfs 60 druppels per ml.
- Zelfgemaakte of afwijkende druppelflessen (bijvoorbeeld bij etherische oliën) hebben soms een andere opening, waardoor druppels groter of kleiner uitvallen.
Gebruik de 20-druppelsregel dus alleen als de vloeistof waterig is en je een standaard farmaceutische druppelaar gebruikt. Bij twijfel, zeker bij medicijnen, check je het altijd even met je apotheker of arts.
De kortste samenvatting: 1 ml is 20 druppels bij een gewone druppelaar en een waterige vloeistof. Bij andere vloeistoffen of speciale druppelsystemen kan dat getal afwijken, dus let op de context voordat je klakkeloos omrekent.

